Aalsmeers Theater
Aalsmeers Theater
Hélène Homan pleit voor een prijs voor de beste theaterbezoeker. Debbie zegt op deze site: “Ja leuk, maar dan moet er ook een theatertje komen in Aalsmeer!”
Ik stel: laten we blij zijn dat Aalsmeer geen theater heeft. De ellende zou niet te overzien zijn, Aalsmeer zou uiteenvallen, families zouden verscheurd worden en dat allemaal door een theater in Aalsmeer.
Begin maart zag ik “Op hoop van zegen”. Het toneelstuk, niet de musical, voor alle duidelijkheid. Al na tien minuten stappen twee bezoekers op rij vijf op en verlaten de zaal. Was plotseling het besef doorgebroken dat Ben Cramer niet meedeed die avond? Geen idee. Ondanks de toegangsprijs van €28.- per kaartje, ondanks de overlast voor de overige bezoekers verlieten ze de zaal.
Een zaterdag in april: Het Toneel Speelt speelt “Geslacht”. Een prachtig stuk, de vergelijking met “Who’s afraid of Virginia Woolf” dringt zich op, maar dit stuk is toch anders. Een kinderloos echtpaar houdt met grote moeite en met eindeloos geruzie een huwelijk in stand. Slechte recensies, maar denk aan de vierde wet van Homan, van recensies trekken wij ons niets aan.
Hoe dan ook, binnen het kwartier stappen twee mensen op de eerste rij op.
Waren zij misschien misleid door de titel van het stuk, hadden zij pikanterieën verwacht? Mevrouw van Itterzon zit links naast mij, zij is in het theater van onbesproken gedrag en durft, bij wijze van spreken, in de tram pas weer te hoesten. Rechts van mij zit een dame die tijdens de voorstelling (duur: 1.30 uur) tot vier keer toe een flesje water uit haar tas haalt. Klokkende geluiden, flesje weer in de tas. Tot vier keer toe! En dan vergeet ik de concerten waar bezoekers keihard met elkaar staan te praten, vaak zelfs met de rug naar het podium. Natuurlijk moet er ook veel gebeld worden, iedereen moet toch weten waar je bent en hoe je het naar je zin hebt.
In mijn hoofd ontstaan scenario’s met martelpraktijken waar de CIA nog wat van kan leren. Maar wees gerust, er gebeurt niks. Ik ken de mensen niet eens, kom ze ook nooit meer tegen. Dat zou veranderen als Aalsmeer een theater zou hebben. Dan weet je wie je zo vreselijk dwarszit, wie de sukkel is die na tien minuten constateert dat het zijn voorstelling niet is. Dat zie je wie er in de pauze naar huis gaat, omdat het anders wel erg laat wordt en het morgen weer vroeg dag is.
En die mensen kom je de volgende dag gewoon weer tegen. Ik weet niet of mijn zelfbeheersing daar tegen kan. En daarom zeg ik dat het maar goed is dat Aalsmeer geen eigen theater heeft.
Erik van Itterzon – 27 april 2009.


